Een uitdagend geschenk

Nederlandse kerken worden kleiner en soms verdwijnen ze helemaal. Dat is het slechte nieuws. Tegelijkertijd is een groeiende stroom van migranten uit allerlei landen bezig gemeenschappen te vormen en gemeenten te stichten. Die kerken komen elkaar tegen rond praktische vragen in verband met huisvesting: traditionele kerken hebben ruimte over, migranten zijn ernaar op zoek. Vier organisaties die met migrantenkerken werken hebben een boekje gemaakt, waarin elf voorbeelden van die zoektocht beschreven worden. Op 31 mei is het aangeboden aan dr. René de Reuver – de scriba van de Protestantse Kerk Nederland. De tekst van zijn reactie vindt u hieronder: Hartelijk dank voor de uitnodiging om vanmiddag aanwezig te zijn bij de presentatie van het boek ‘Kerken delen’ en het eerste exemplaar in ontvangst te mogen nemen. Ik ervaar dit als een bijzonder moment. Niet alleen persoonlijk, maar ook voor de Protestantse Kerk in Nederland, en breder voor het geheel van de christelijke kerk in Nederland. Dit boek markeert de verandering die de christenheid ook in ons land ondergaat. Al decennia lang is het duidelijk dat het centrum van de wereldkerk verschuift van het noorden naar het zuiden, en van Europa naar Afrika en Azië. Kort geleden nam ik deel aan de Assemblee van de Lutherse Wereld Federatie. 500 Jaar na de start van de Reformatie werd deze niet in Europa, Duitsland, werd gehouden maar in Namibië. Een land met een enorme Lutherse Kerk. Tijdens deze assemblee werd een nieuwe voorzitter gekozen uit een van de grootste Lutherse kerken, die van Nigeria. De Reformatie, laat staan het christelijke geloof en de kerk is geen Europese aangelegenheid – al associëren sommigen in bepaalde culturen het met de westerse cultuur – maar een mondiale beweging. Zondag vieren we het Pinksterfeest. Het feest van de uitstorting van de Geest die alle talen spreekt zodat ieder in haar en zijn eigen taal kan horen over de grote daden van God. De kerk is van alle tijden en plaatsen, omdat de God van Israël van alle tijden, plaatsen is en Jezus de Heer der wereld is. De komst van de vele nieuwe Nederlanders betekent niet alleen veel voor onze samenleving maar evenzeer voor onze kerk. Velen van hen zijn christen. Zij illustreren het mondiale karakter van de kerk. Geven de kerk in Nederland meer kleur en bepalen haar bij haar katholieke – de wereld- en alle culturen omvattende identiteit. Ik ervaar hun, uw, komst als een uitdagend geschenk van God aan de Nederlandse kerken om ook in de Nederlandse context samen veelkleurige kerk van Christus te zijn. Dat dit alles consequenties heeft is duidelijk. De meest ingrijpende is wat mij betreft de vraag om elkaar als broeders en zusters, over en weer, te aanvaarden als geschenk van God. Met alle culturele en historische diversiteit eenheid in Christus vraagt om delen. Delen van geloof, van vreugde, van traditie, van zorg en nood, van hoop en perspectief, van liefde en zorg. En… van gebouwen. De elf voorbeelden die in het boek worden beschreven zijn wat mij betreft een mooi allereerste begin. Ik hoop van harte dat ze veel (protestantse) gemeenten stimuleren om als broeders en zusters te delen wat God ons gegeven heeft. Immers – naar het woord van Efeze 3 – alleen samen met alle heiligen kunnen we iets vatten en zichtbaar maken van de grootheid van Gods liefde. Onze samenleving worstelt met de integratie van de vele nieuwe Nederlanders. Sommigen doen het voorkomen alsof nieuwkomers de zgn joods-christelijke cultuur bedreigen. Ik ervaar het als een grote uitdaging, en getuigenis in onze tijd en cultuur, om elkaar als geschenk van God te ontvangen. En te delen wat God een ieder van ons gegeven heeft, onze kerkgebouwen incluis. Ik hoop daarom van harte dat dit boek een stimulans is voor verder en intensiever delen van kerken. Om zo samen steeds meer te vatten van de diepte van Gods liefde en van de grootheid van onze Heer en Heiland! ds. René de Reuver scriba Protestantse Kerk in Nederland

Stop the killing in Khabour

Het ornamentele kruis wordt gewoonweg door een priester aan een zware ketting op de borst gedragen. Nu ligt het, te midden van veel bloed ergens weggeslingerd. In een ander land, op een andere moment, in een ander gezelschap zou deze foto wellicht toelichting behoeven. Maar vandaag niet – en zeker niet in deze kerk. De Assyirische Kerk van het Oosten heeft een “Smeekbede”afgekondigd. Gelovigen uit Breda, Rotterdam, Amsterdam, Hoofddorp – ze zijn van overal gekomen. De inzet is de gevangschap van 90 medegelovigen: gevangen, verdwenen, hun lot onbekend. Voor de dienst wordt geanimeerd gepraat, peuters en kleuters spelen in de gangpaden en onder de kerkbanken. Er zijn ook een handvol Nederlanders, vandaag als kleine minderheid direct te herkennen aan hun witte huidskleur. Het kerkgebouw – dat is trouwens de kerk van de Noorderlicht-gemeente in Zeist. Een PKN-gemeente die zoals vele andere kerken gastvrijheid aan migrantenchristenen verleent. Vooraf praten mijn vrouw en ik met wat jonge gemeenteleden. We zijn benieuwd of we straks de dienst zullen kunnen volgen. Vooraf hebben we ons wel eens beeld gevormd van hetgeen kan komen. Ik heb half en half wel verwacht dat het een gezongen liturgie zal zijn – en krijg gelijk. Langzaam, plechtig, en als je er ernst en somberheid in wilt horen, is die er ook. De taal kennen we niet. Ook Joke krijgt gelijk: aan het begin van de viering heet de priester in het Engels de gasten welkom en legt kort uit wat de aanleiding tot deze smeekbede is. Negentig gelovigen, over wie op dit moment het gerucht gaat dat ze worden vrijgelaten; misschien zijn ze het al. Misschien zijn ze gedood. We gaan bidden dat ze aan ons, hun geliefden zullen worden teruggegeven en dat ze veilig bij hun familie zullen terugkeren. “They have been taken ……….. “They have been taken by “They have been taken by, I cannot get myself to say the word “They have been taken by ISIS” Vier maal neemt hij een aanloop om het vreselijke word eruit te krijgen. Ik zit te beven in mijn bank.

Vanavond is het feest

Vanavond is het feest. Een team van vrijwilligers heeft hard gewerkt om één van de `garage-kerken´ in de Amsterdamse Bijlmer om te toveren tot een feestzaal. Dat is gelukt – overal versieringen en de blije gezichten van genodigden die – strak in het pak of in exotische Afrikaanse prints – een praatje maken met elkaar en een plaats zoeken aan de tafel. Dr. Moses Alagbe – de voorzitter van de Pentecostal Council of Churches – leidt ons door een vol programma, waarin mensen worden voorgesteld en toekomstplannen uit de doeken gedaan. Natuurlijk: er moet gezongen worden, en gegeten. Behendig zorgt de voorzitter ervoor dat het programma op tijd wordt afgewerkt. Dan hebben we tijd voor elkaar en voor de maaltijd. Aan mijn tafel een mensenrechtenactivist uit Kampala : Dr. Zac Niringye ken ik al meer dan tien jaar: theoloog, hoogleraar en onvermoeibaar pleitbezorger van mensenrechten. Marnix Niemeijer, de directeur van TEAR, is zijn gastheer tijdens dit bezoek aan Nederland. Ik raak in gesprek met mijn overbuurman: Hij is aangesloten bij een kleine huisgemeente in de Bijlmer maar ook bij een netwerk met honderden deelnemers, die 24/7 bidden voor allerlei mogelijke zaken die in Amsterdam aan de orde zijn. Hij kan er gloedvol over vertellen. Als ik denk dat het programma op zijn einde loopt roept dr. Alagbe de nieuw-aangestelde bestuurders van de Pentecostal Council of Churches naar voren – zij zullen plechtig worden ingezegend. Eerbiedig knielen de nieuwe bestuursleden in een rij en er zijn twee voorgangers, die voor hen gaan bidden: Peter Sleebos, de leider van de VPE (Volle Evangelie- en Pinkstergemeenten) en ds. Gerrit de Fijter van de Nationale Synode. Uitgerekend hen hebben de Afrikaanse broeders gevraagd om dit nieuwe bestuur in te zegenen. Ik proef er een rijke symboliek in. Deze kerken van de Afrikaanse diaspora, die nog maar nauwelijks wortelen in Nederland met zijn gesloten kerkelijke cultuur, openen zelf de deur en vragen de leiders uit de Nederlandse kerken deze belangrijke rol te vervullen. Het is een indrukwekkend moment, dat mij zeer ontroert. Het geeft ook de richting aan die wij uit moeten: ontmoetingen met tijd voor informeel gesprek, gezamenlijke maaltijden, samen bidden en elkaar zegenen. Het zou gek moeten gaan als dat niet goed is voor héél de kerk.